Pompeloere / Zoete liefde, zoete vrede… 

Op Aarde, in de kapel van de Zusters van Opwijk, gonst  en zoemt het als in een biekorf. Thuis is er niets op de treurbuis en hier belooft het alweer een aangename avond op hoogstaand cultureel niveau te worden. De mooie, aanlokkelijke affiche die Hadewijch Vandeputte ontworpen heeft hebben vele mensen naar hier gebracht. Geen enkele reden dan ook om niet aanwezig te zijn op het concert van het veertigjarig Mannenkoor De Bie.

In de hemel zitten Jan, Mon, Nand, Eric, Pierre en Paul op de rand van hun wolk vol verwachting de prestaties van hun vrienden  af te wachten. Rondom hen een hele schare kunstminnende heiligen en engelen, want het mannenkoor is niet alleen in het hele heelal maar ook ver daarbuiten gekend en bemind.

De vrienden pinken een traan weg en glimlachen even weemoedig bij het “Beati mortui” van Mendelssohn dat hun koormaten voor hen zingen. Ook daar beneden is er ontroering en gedenkt men de schone herinneringen aan elkaar.

Met een paar schitterend gebrachte negro-spirituals en het “Gebet” van Carl Maria von Weber blijft men in dezelfde sfeer. Wanneer Sarah Loubry en Rachel Talitman van Helikon met een meesterlijke muzikale meditatie zowel de snaren van hun viool en harp als de snaren van onze ziel strelen, is de gewijde sfeer in de kapel adembenemend.  En bij de vrienden in het hiernamaals geniet Wolfgang Amadeus Mozart mee van een sublieme vertolking van het “Weihelied” uit zijn Toverfluit.

Vlot en met een ludieke knipoog leidt Hilde Stobbelaers ons door het gevarieerde programma. Het opgewekte Jagerskoor van Weber en een heerlijke Carmensuite van Bizet doen het publiek haast meezingen én -dansen vanop hun stoel.

Met enkele stemmige avondliederen en een “Zoete vrede, ach zoete vrede vul mijn hart” uit het “Wanderers Nachtgebet” komen we aan de pauze zodat in de wandelgangen alvast wat bijgepraat kan worden want dit concert is een sociaal gebeuren bij uitstek.

Romantische en volkse liederen wisselen elkaar af in het tweede deel. Wanneer “Een kalemanden rok”  gebracht wordt – in een bewerking van Emmanuel Geeurickx- weten we meteen waarom dit evenement “Pompeloere” gedoopt werd. “My Rita” en andere zoete liefdes passeren de revue. De uitstekende begeleiding van Helion is in volmaakte éénklank met de prachtige stemmen van “onze mannen”. Na het “laatste” lied “Heidenröslein” van Werner staat koorleider Jaak de Bie nog een paar toegiften toe aan het overenthousiaste publiek.

Op de receptie achteraf niets dan tevreden en blije gezichten. De hongerigen worden gespijsd met een hapje en de dorstigen gelaafd met een drankje. Je zou van minder pompeloere worden!

Vanuit het paradijs kijkt men gelukzalig en welwillend neer op al deze schoonheid en vreugde. Veertig jaar met liefde en in vriendschap samen zingen, dat is de hemel op aarde. Dat ze nog lang mogen pompeloeren!

Andre September

 

Terug naar 'Fotoalbum'